Op 31 december plannen duizenden jongeren hun oudejaarsavond weer in Lennik door te brengen. Dit omdat de KLJ van Lennik voor de 18e maal haar New Years Party organiseert. Waar het ooit in 1997 begon met een kleine fuif in de Jongensschool te Lennik, gaat deze nu door in een grote festivaltent op de terreinen naast Isla-Meat op de Lombeeksesteenweg, om te kunnen voldoen aan de grote vraag naar een nieuwjaarsfuif in het Pajottenland.
Naar jaarlijkse gewoonte rijden die nacht ook de fuifbussen van De Lijn. In samenwerking met de omringende gemeentes nam gemeente Lennik het initiatief, na de vraag van De Lijn, om te investeren in de feestbussen, daar de financiële ondersteuning niet meer door provincie Vlaams-Brabant wordt voorzien. In totaal werd er een aanbod van vier verschillende lijnen uitgewerkt die Lennik en de uitgebreide regio bedienen.
-128 Brussel-Dilbeek-Schepdaal-Lennik (bedient Sint-Martens-Lennik en Sint-Kwintens-Lennik)
-172 Ruisbroek-Sint-Pieters-Leeuw-Lennik (bedient Gaasbeek en Sint-Kwintens-Lennik
-116 Dilbeek-Ternat-Lennik (bedient Eizeringen)
Wie toch genoodzaakt is om met de auto te komen, bereidt zich maar beter voor. De Lombeeksesteenweg is afgesloten voor auto’s tussen de Assesteenweg en Oude Geraardbergsestraat. Om te parkeren is de Negenbunderstraat voor deze gelegenheid een parkeerstraat. Men kan er enkel via de Assesteenweg inrijden om dan beurtelings aan één kant van de Negenbunderstraat de wagens te parkeren.
De vorige editie was een groot succes met meer dan 4000 bezoekers. Dit jaar groeit dat aantal mogelijk nog meer; in twee weken tijd gingen maar liefst 1500 tickets de deur uit! Om alle feestvierders te kunnen ontvangen werden reeds de nodige voorbereidingen getroffen. Een samenwerking met gemeente en hulpdiensten is daarbij van groot belang om een feilloze organisatie te garanderen. “We appreciëren het enorm dat alle partijen zo goed communiceren en samenwerken. Daarnaast zijn we gezegend met een toffe bende vrijwilligers. Gezien de enorme groei van het evenement wordt er alsmaar meer van hen verwacht en dat is zeker niet evident. Er komt een grote verantwoordelijkheid bij kijken en we mogen niet vergeten dat deze personen dat allemaal vrijwillig doen, zonder ook maar iets in ruil te vragen!” aldus Jasper.